Chat with us, powered by LiveChat

Dit jaar 200 dagen seizoensarbeid in de fruitteelt, vanaf volgend jaar 100 dagen

Dit jaar 200 dagen seizoensarbeid in de fruitteelt, vanaf volgend jaar 100 dagen

De regering gaat het aantal dagen dat een seizoensarbeider in de fruitteelt mag werken optrekken van 65 dagen naar 200 dagen in 2020 en naar 100 dagen vanaf volgend jaar. De beslissing komt er op initiatief van Europees Parlementslid Hilde Vautmans, die in de sector al jaren aan de kar trekt, en Open Vld-Fractieleider Egbert Lachaert die een wetsvoorstel indiende. “Door de coronacrisis zitten veel fruittelers met hun handen in het haar. De oogst is nu rijp, maar door de coronacrisis is het aantal werknemers die seizoensarbeid kunnen uitoefenen flink gedaald, omdat veel extra buitenlandse krachten teruggekeerd zijn naar hun thuisland. Door de uitbreiding kunnen ze de mensen die nu aan de slag zijn maximaal inzetten”, aldus Vautmans en Lachaert.

Seizoensarbeiders in land- en tuinbouwbedrijven werken met een tijdelijk contract in een systeem met een gunstige RSZ-regeling voor zowel de werkgever als de werknemer, omdat de RSZ-bijdragen berekend worden op een forfaitair dagloon. Elk jaar maken zo’n 56.000 seizoenswerknemers in de tuinbouw gebruik van de maatregel. Maar het systeem is erg complex. Zo mag een seizoenarbeider in de landbouw vandaag 30 dagen per jaar ingezet worden, terwijl hij in de fruitsector 65 dagen mag werken en in de witloof- en champignonteelt 100 dagen. Op vraag van Hilde Vautmans, die verschillende keren met de fruitsector aan tafel zat, diende Open Vld-fractieleider Egbert Lachaert al een wetsvoorstel in om het aantal dagen dat een seizoensarbeider in de fruitteelt kan werken op te trekken naar 100 dagen. Niet alleen voor het hard fruit, maar ook voor het zacht fruit (bijv. aardbeien, kersen en tomaten). Op regeringsniveau is er nu een akkoord dat deze uitbreiding van de seizoensarbeid er komt en dat het quotum in 2020 uitzonderlijk zelfs wordt verdubbeld naar 200 dagen, naar aanleiding van de coronacrisis.

Egbert Lachaert: “Wie wil werken, moet ook kunnen werken en mag niet belemmerd worden door verouderde regels. Zeker in tijden van crisis moet het alle hens aan dek zijn. Maar veel buitenlandse seizoensarbeiders zijn door de verstrengde regels terug naar hun thuisland, waardoor de 65 dagen seizoensarbeid snel opgebruikt zullen zijn voor zij die nu aan het werk zijn. Telers hebben nu meer flexibiliteit nodig om alle fruit op tijd geplukt te krijgen. Anders dreigt een mislukte oogst en nog groter financieel verlies. Vandaar is het zo belangrijk dat de regering hier nu werk van maakt. Zo kunnen de huidige werkkrachten langer blijven werken.”

Hilde Vautmans: “Ik ben zeer tevreden dat er, in deze moeilijke tijden, ook aan onze landbouwers wordt gedacht. De fruitsector staat al enkele jaren onder grote druk. Eerst was er de algemene economische crisis, dan de Ruslandboycot, nu de coronacrisis. Dit is dan ook een dossier waar ik al jaren voor aan het vechten ben, en het is een bijzonder goede zaak dat hierover een akkoord werd bereikt. Seizoensarbeiders zijn voor onze telers van cruciaal belang en 65 dagen seizoensarbeid is in een hoogst onvoorspelbare sector als de fruitteelt gewoon te weinig, zeker nu, wanneer veel buitenlandse seizoenskrachten naar hun thuisland zijn gegaan. Nieuwe seizoensarbeiders aantrekken kost ook tijd, want zij moeten opnieuw opgeleid worden, niet alleen over de juiste pluktechniek, maar ook hoe ze bijvoorbeeld met een tractor moeten rijden of waar de velden liggen. Kortom: ze moeten het bedrijf leren kennen. De uitbreiding van het aantal dagen seizoensarbeid is daarom een goede eerste stap om de sector in een niet nog grotere crisis te storten.”

“De uitbreiding van het aantal dagen seizoensarbeid is één zaak, maar het is ook belangrijk om voldoende werkkrachten te vinden om op de landbouwbedrijven te werken. Veel seizoensarbeiders geraken immers niet tot in België door reisbeperkingen. Daarom is het minstens even belangrijk dat er gekeken wordt om tijdelijk economisch werklozen toe te laten te werken als seizoensarbeider binnen een land- of tuinbouwbedrijf.” besluit Vautmans.



Schrijf je in op onze nieuwsbrief InschrijvenSchrijf je in op onze nieuwsbrief