Chat with us, powered by LiveChat

"Duidelijkheid bij controles in slachthuizen moet dierenwelzijn verbeteren”

"Duidelijkheid bij controles in slachthuizen moet dierenwelzijn verbeteren”

Voor Vlaams Volksvertegenwoordiger Gwenny De Vroe is verantwoordelijk omgaan met dieren een natuurlijk gevolg van menselijke waardigheid en integriteit. Hiermee reageert ze op de beelden van dierenrechtenorganisatie Animal Rights van dierenmishandleing in het slachthuis van Tielt. Ze vraagt duidelijkheid inzake het controlesysteem in de Vlaamse slachthuizen en een optimalisatie van de opleidingen.

“De mishandelingen op de beelden van Animal Rights in het slachthuis van Tielt zijn misdadig en gruwelijk. Daarvoor zijn geen excuses”, benadrukt Gwenny De Vroe. Ze verwelkomt de kordate aanpak van de Vlaamse minister voor Dierenwelzijn om op korte termijn bewarende maatregelen te nemen. “Het komt er nu op aan niet in steekvlampolitiek te vervallen, maar te streven naar een duurzame, structurele oplossing waarbij alle betrokken actoren in de keten én bij de overheid hun verantwoordelijkheid opnemen. Dat moet gebeuren op basis van feiten. De resultaten van het onderzoek zullen hierbij van cruciaal belang zijn.”

Nood aan verduidelijking van de controle-instanties in slachthuizen

“De controle op dierenwelzijn in slachthuizen gebeurt door dierenartsen met opdracht (DMO’s), aangesteld door het Federale Agentschap voor de veiligheid van de voedselketen (FAVV)”, licht Gwenny De Vroe toe. Er werd na de regionalisering van dierenwelzijn, een protocol afgesloten met het FAVV waarbij de DMO’s tijdens hun controles in het kader van dierengezondheid en voedselveiligheid op landbouwbedrijven en in slachthuizen nagaan of er dierenwelzijnsproblemen aanwezig zijn. De DMO’s worden betaald door het FAVV, maar Vlaanderen financiert hun werking mee voor de dierenwelzijnsopdrachten. Wat dat betreft kunnen de DMO’s rechtstreeks rapporteren aan de Vlaamse inspectiedienst Dierenwelzijn.

“Helaas heerst er onduidelijkheid over de dubbele opdracht van de DMO’s”, zegt Gwenny De Vroe. Het FAVV benadrukt in zijn communicatie dat haar inspecteurs focussen op het controleren of de geslachte dieren geschikt zijn voor menselijke consumptie. Mijn vraag aan de minister van Dierenwelzijn zal dan ook zijn om duidelijkheid te scheppen over de precieze afspraken en verantwoordelijkheden tussen het FAVV en de Vlaamse inspectiedienst voor Dierenwelzijn. Volgens Gwenny De Vroe moet de registratie van problemen op vlak van dierenwelzijn verbeterd worden.

Tijdelijk getuigschrift geen garantie voor dierenwelzijn

Volgens de Europese verordening inzake de bescherming van dieren bij het doden, moet het personeel dat in slachthuizen met levende dieren omgaat, daarvoor opgeleid zijn en in het bezit zijn van een getuigschrift van vakbekwaam slachten. Dat getuigschrift wordt behaald door te slagen voor een examen na het volgen van een opleiding.

Personeelsleden die nieuw aangeworven worden, kunnen echter bij de Dienst Dierenwelzijn een tijdelijk getuigschrift aanvragen in afwachting van hun definitieve getuigschrift. De getuigschriften zijn 3 maanden geldig. Gwenny De Vroe moet helaas vaststellen dat dit tijdelijk getuigschrift geen zekerheid biedt op vakbekwaam slachten. “Ik dring bij minister Weyts aan om dit systeem te herbekijken zodat dieren te allen tijde geslacht worden door en onder supervisie van personeel dat met kennis van zaken handelt én het vakbekwaamheidsattest verder uit te bouwen.”

Dat geldt vanzelfsprekend ook voor de ‘animal welfare officers’, die verplicht moeten worden aangesteld door grotere slachthuizen om toezicht te houden op het dierenwelzijn. Gwenny De Vroe besluit dat een evaluatie van de huidige praktijk aangewezen is en pleit om na te gaan hoe de invulling van deze functie kan versterkt worden.



Schrijf je in op onze nieuwsbrief InschrijvenSchrijf je in op onze nieuwsbrief