Chat with us, powered by LiveChat

“Ik wil met alle leden schrijven aan een nieuw liberaal verhaal”

“Ik wil met alle leden schrijven aan een nieuw liberaal verhaal”

In mei mocht jij samen met de andere 54.000 liberale leden je stem uitbrengen voor een nieuwe voorzitter en partijbestuur. Egbert Lachaert -42 jaar en afkomstig uit Merelbeke- won overtuigend de verkiezing. Egbert kijkt met een frisse blik en met een liberaal kompas naar de uitdagingen waar ons land en partij voor staat. Dé prioriteit? “We moeten de economie snel herlanceren zodat mensen hun job kunnen behouden en we allemaal weer vooruit kunnen gaan.” Tijd voor een uitgebreide kennismaking met onze nieuwe voorzitter!

Proficiat met je mooie overwinning in de voorzittersverkiezing! Al wat bekomen?

“Dankje! Het waren heel vreemde tijden om partijverkiezingen te organiseren terwijl mensen ziek werden, een familielid verloren of tijdelijk werkloos zijn. Veel tijd om te vieren was er dus niet. Integendeel, we zijn meteen aan de slag gegaan. Ik heb een team samengesteld, we moesten ondertussen samen met de regering verder de coronacrisis beheren en gesprekken voeren over de volgende federale regering. Ik ben wel blij dat de interne verkiezingen nu achter ons liggen. De leden hebben een heldere voorkeur uitgesproken. En dat wil zeggen dat ik een duidelijk mandaat heb om nu met heel de ploeg aan onze partij te bouwen.”

Hoe ben je eigenlijk in de politiek beland?

“In mijn studententijd is die basis gelegd. Ik zat bij het Liberaal Vlaams Studentenverbond in Gent. Samen met toppers zoals Philippe De Backer en Mathias De Clercq trouwens. Als jonge snaken wilden we de wereld verbeteren en het liberalisme heruitvinden. We lazen alle klassiekers, Friedman, Hayek, Mill, Rawls… Dat is een belangrijke ideologische basis voor mijn huidig engagement. Vandaag doe ik nog altijd aan politiek in het parlement en nu als voorzitter vanuit een diepgewortelde liberale overtuiging. Na mijn studentenperiode heb ik dan samen met generatiegenoten de liberale denktank Liberales opgericht. We schreven opiniestukken, recensies… en probeerden ook nieuw bloed via die denktank bij het Vlaams liberalisme te betrekken. Ik herinner me dat ik zelfs Alexander (De Croo) gevraagd heb om eens een stuk te schrijven. Hij was toen in de privé actief en hield zich toen nog ver van de politiek (lacht). Maar ik ben natuurlijk ook opgegroeid in onze liberale partij. Mijn vader Patrick was veertien jaar Vlaams parlementslid en lokaal actief in Merelbeke. Als kind voerde ik al campagnes en reed ik mee rond in de verkiezingscaravaans. We reden door het hele land, plaatsten borden en deelden flyers uit. Gouden tijden…”

Toch ging je eerst aan de slag als advocaat?

“Klopt. Ik werd advocaat sociaal recht aan de Gentse balie. Mijn vader had me altijd ingepeperd dat het belangrijk is om nooit financieel afhankelijk te zijn van de politiek. Hij vond dat ik eerst mijn eigen weg moest vinden. Hij had gelijk en ik was heel graag advocaat. Het is pas nadat papa overleden is in 2012 dat mijn politieke loopbaan in een echte versnelling kwam. Het is jammer dat hij er niets van heeft meegemaakt. Ik werd toen OCMW-voorzitter in Merelbeke. In 2013 kwam ik in het Vlaams parlement, in 2014 werd ik verkozen in de Kamer en in 2019 werd ik daar fractieleider. Hij zou zo trots geweest zijn moest hij weten dat ik nu voorzitter ben van onze liberale partij.”

Wat neem je mee naar het hoofdkwartier uit die lokale en parlementaire ervaringen?

“Heel veel natuurlijk. In de Kamer werkte ik vooral rond arbeidsmarktdossiers. We moeten gewoonweg meer mensen aan het werk helpen. In vergelijking met Nederland, Duitsland of Zweden werken we hier met veel minder mensen en ook minder lang. Toch hebben we een zeer goede gezondheidszorg en sociale zekerheid. Dat kan je alleen blijven financieren als we met meer mensen aan de slag gaan. Dat blijft voor mij toch wel één van de basisproblemen van ons land, en een grote driver om aan politiek te doen. Ook nu ik voorzitter ben. Maar dat wil niet zeggen dat we mensen achterlaten. Het is inderdaad voor veel mensen moeilijk om aansluiting te vinden bij die arbeidsmarkt. Als lokaal OCMW-voorzitter heb ik dat met eigen ogen gezien. Maar dan heb je twee keuzes: ofwel geef je hen een leefloon en is je geweten gesust maar verandert er verder niets, ofwel help je hen vooruit met een verplicht integratietraject, opleidingen, gemeenschapsdienst… Wij liberalen kiezen toch voor dat tweede… Ik verzet me tegen die etiketten van links en rechts, ik zal gewoon een uitgesproken liberaal verhaal brengen. Dat is altijd een mix van beiden.”

Wat is de kern van het liberalisme voor jou?

“Het is een vooruitgangsfilosofie. Ik wil mensen zo veel mogelijk vrijheid en kansen geven om vooruit te gaan in hun leven. Die kansen moeten er zijn voor iedereen, ongeacht je afkomst, geslacht of welvaart of wat dan ook. Kansen geven begint bij sterk onderwijs, waar iedereen gelijk aan de start moet komen, zo jong mogelijk. Maar we willen ook iedereen aan het werk helpen of stimuleren om zelf te ondernemen. Want werk is de basis van alles: zelfstandigheid, een goed leven, vooruitgang. Kansen geven, betekent ook dat je niemand achterlaat die het moeilijk heeft. Daarnaast vind ik dat de overheid zich niet te veel moet moeien en regels opleggen. Mensen kunnen zelf wel hun keuzes maken over hoe ze hun leven invullen. Ook over gevoelige ethische vraagstukken, zoals euthanasie. En wanneer gaan we eens stoppen met altijd naar de overheid te kijken om élk probleem op te lossen met een nieuwe regel of een bijkomende belasting… (op dreef)”

Wat staat er nu als eerste op je politieke agenda?

“Er ligt veel werk op de plank. Het ergste van de gezondheidscrisis ligt gelukkig achter ons, maar nu komt er een economische crisis op ons af. We zien al de eerste herstructureringen. We moeten die crisis zo goed mogelijk opvangen. Onze ministers hebben sterk werk geleverd in het heetst van de strijd, maar voor de volgende fase hebben we een volwaardige federale regering nodig, liefst met een meerderheid in het parlement. Wij zijn bereid daarin opnieuw onze verantwoordelijkheid te nemen. Die regering heeft wat ons betreft maar één missie: onze economie herlanceren zodat onze bedrijven weer volop kunnen draaien en de mensen hun job kunnen behouden. We moeten daarbij heel gericht te werk gaan. Want onze begroting ontspoort verder. Het geld groeit niet aan de bomen. Er zullen ook sociale maatregelen nodig zijn om mensen die hun werk verliezen en zelfstandigen die failliet gaan te ondersteunen en opnieuw aan werk te helpen. We gaan niemand in de steek laten. Ook niet het gezondheidspersoneel dat de afgelopen weken bergen heeft verzet. Tegelijkertijd moeten we de komende jaren ook werken aan een België 2.0 om ons land efficiënter te laten werken.”

Daarnaast wil je ook onze partij vernieuwen?

“De meeste partijen zijn eigenlijk blijven hangen in de vorige eeuw. Vandaag voelen mensen zich niet meer vertegenwoordigd door partijen, maar meer door ideeën en mensen. Lidmaatschap van zo’n partij is op zich ook wat voorbijgestreefd voor vele burgers. De ontzuiling zit daar zeker voor iets tussen. We moeten onze partij dus aanpassen, moderniseren en er een nieuwe ‘schwung’ aan geven. Ik wil bijvoorbeeld meer mensen betrekken bij onze partij die niet noodzakelijk lid zijn maar wel een bijdrage leveren aan de vooruitgang van onze samenleving. Ik wil ook meer inspraak van onze lokale militanten en leden. Ik heb de ambitie om meermaals per jaar de partijraad samen te roepen om die dialoog tussen de liberale Dorpsstraat en de Melsensstraat te versterken. In juni vond de eerste al plaats. Er zal ook meer ondersteuning van afdelingen en lokale politici komen. Talent scouting en training blijft belangrijk om nieuw bloed te vinden en kansen te geven. Onze communicatiestrategie en inhoud gaan we ook op scherp zetten. Verwacht je dus zeker aan een statutair congres en inhoudelijke congressen de komende tijd! Ik wil deze vernieuwingsoperatie echt aanpakken met álle leden. Alleen als we samenwerken, gaan we erin slagen om weer te groeien bij verkiezingen.”

Je voorganger Gwendolyn zei dat het partijvoorzitterschap misschien de moeilijkste maar ook de mooiste job van de Wetstraat is. Hoe laat jij stoom af?

“Wel ik probeer om de twee dagen te gaan lopen. Dat ontspant mij en maakt mijn hoofd vrij. Ik vraag aan mijn collega’s om elke vrijdagavond vrij te houden. Want dan ga ik voetballen met mijn vrienden. Mijn zoontje Aaron traint vlak daarvoor en we hebben afgesproken dat elke vrijdagavond ons vader-zoon momentje is. We sluiten altijd af met frietjes!”

Een voetballende voorzitter! Wat is je positie dan op het veld en voor wie supporter je?

“Ik ben een centrale middenvelder, dat betekent veel lopen maar zo kan ik het spel verdelen. Soms verdedigend, soms aanvallend maar af en toe assist geven zodat anderen kunnen scoren. En ik supporter voor Standard. Atypisch voor een Oost-Vlaming, maar de sfeer in Luik is ongeëvenaard!”

Welk boek heeft jouw leven verandert?

“De Open Samenleving en haar vijanden van Karl Popper. Het boek gaat over totalitaire regimes die de vrijheid stap voor stap beperken en uiteindelijk talloze dodelijke slachtoffers maken. Het toont aan hoe dierbaar de democratie is en hoe gevaarlijk machtsconcentratie is. Het opent je geest. Een aanrader voor elke democraat en liberaal!”

Slotvraagje: wat zou je droomjob zijn als je niet in de politiek zat?

“Uitbater van een gezellige B&B op een mooi plekje in Frankrijk!”



Schrijf je in op onze nieuwsbrief InschrijvenSchrijf je in op onze nieuwsbrief