OPINIE: Levenslang leren moet beter georganiseerd worden

OPINIE: Levenslang leren moet beter georganiseerd worden

Ondernemers hebben belang bij het stimuleren van opleidingen. Goed opgeleide mensen zijn sneller productief in een onderneming. Maar de vertaling van het hogere doel van levenslang leren in de praktijk laat te wensen over. Dat toont mijn ervaring als kmo-bedrijfsleider. Dat schrijft Vlaams volksvertegenwoordiger Daniëlle Vanwesenbeeck in een opiniestuk.

Lieve*, halfweg de vijftig, wou al een tijdje iets anders met haar leven. Haar dochter was studente welzijnswerk en dat had haar interesse opgewekt. Het deed haar beslissen om een opleiding maatschappelijk werk te volgen, een materie die in de verste verte niets met de activiteiten van ons bedrijf te maken had.

Zodra een werknemer een aanvraag doet voor educatief verlof is hij beschermd. Ik kon niet kiezen op welke dagen Lieve afwezig zou zijn. In de eerste module, die drie maanden duurde, zou ze afwezig zijn op dinsdag en donderdag, toevallig de drukste dagen in ons bedrijf. Beetje moeilijk.

De opleidingsdagen van de modules wijzigden ook na drie maanden. Om de drie maanden was Lieve afwezig op andere dagen. In onze productie werken vier mensen. Op de dagen dat Lieve er niet zou zijn, ging het dus over een capaciteitstekort van 25 procent. Het was niet evident om een constante vervanging te vinden voor twee dagen in de week, die dan elke drie maanden nog eens wijzigen. Als we dan geen vervanging vonden, werd de sfeer tussen de collega’s er ook niet positiever op.

Ook de voorfinanciering speelde een rol. De uren en dagen waarop Lieve afwezig was, werden wel betaald door mijn bedrijf. Soms lukte het haar afwezigheid op te vangen met een uitzendkracht, wat weer een extra kostprijs met zich meebracht. Financieel konden we dat opvangen. Die voorfinanciering lijkt me echter niet evident voor alle bedrijven. Na een jaar wordt dat terugbetaald in de vorm van een forfaitair bedrag.

Ik kreeg na dat jaar volgend formeel bericht van het departement Sociaal Werk en Economie. Het had betrekking op de terugbetaling van onze voorfinanciering: ‘Uw aanvraag zal zo spoedig mogelijk worden behandeld. Gelet op het grote aantal te verwerken dossiers vragen wij u een paar maanden geduld uit te oefenen.’

Eenrichtingsverkeer

Mij verbaast het niets dat levenslang leren geen onverdeeld succes is in Vlaanderen. Als mijn werknemers beslissen om een opleiding te volgen, die niet is gelinkt aan onze activiteiten, zie ik een terugval in de productie en moet ik een voorfinanciering voorzien. Om nog van de bijkomende en in verhouding grote administratieve last te zwijgen. Het aantal mails dat over en weer is gegaan over afwezigheden, gevolgde uren, inschrijvingsattesten en dies meer is ontelbaar.

Resultaat voor mijn onderneming: overlast, gedoe en een werknemer die ondertussen vertrokken is. De balans is negatief. Ook in het Vlaams Parlement kaartte ik die knelpunten aan bij Vlaams minister van Werk Philippe Muyters (N-VA) in november 2017.

Een aantal van die ergernissen zullen worden verzacht met het nieuwe aangekondigde Vlaams opleidingsverlof, dat ingaat op 1 september. Er komt een digitaal opvolgingssysteem en aanwezigheden worden strenger gecontroleerd. Stappen in de goede richting, maar niet genoeg.

Ik pleit voor meer visie, meer maatwerk en minder overlast voor de bedrijfswereld. Dat opleidingscentra bepalen wanneer opleidingen gegeven worden, zonder ook maar enig overleg met de bedrijfswereld, is niet goed. Een planning van afwezigheden moet besproken kunnen worden. Nu is het is eenrichtingsverkeer.

Er moet een minimum aan flexibiliteit zijn: een verdeling over avond- en dagonderwijs zou de afwezigheden al kunnen beperken. De voorfinanciering kan weggewerkt worden door de financiële afwikkeling rechtstreeks te regelen tussen overheid en werknemer, de administratieve overlast zou opgelost moeten worden via het aangekondigde digitale systeem.

Ik mis een helikopterzicht. Er is een gebrek aan een grotere visie. Bovendien is het aanbod aan opleidingen enorm versnipperd. Er dient een centraal punt te zijn met een visie voor Syntra, CVO, VDABopleidingen en alle bijkomende opleidingen via hogescholen en universiteiten.

Ik pleit dus voor een duidelijke structuur met een visie op opleidingen die de persoonlijke ontwikkeling van de werknemer stimuleert, die ook ondernemers de weg wijst naar opleidingen én die de arbeidsmarkt ten goede komt. Daarbij moet ook altijd rekening gehouden worden met de praktische bezwaren van de bedrijfswereld.

Dan pas wint iedereen: Lieve, de bedrijfswereld, maar ook de kmo, die nu te veel hindernissen moet nemen.

(*Lieve is een fictieve naam)

Daniëlle Vanwesenbeeck
Vlaams Volksvertegenwoordiger

Deze opinie verscheen in De Tijd van 30 januari 2019



Schrijf je in op onze nieuwsbrief InschrijvenSchrijf je in op onze nieuwsbrief